Krokusvakantie, 2025. Lenn Achten, 15 jaar oud en ervaren skiër, geniet van zijn eerste dag skivakantie, in het Duitse Winterberg. Na een paar afdalingen om op te warmen, gaat hij voor de derde keer die dag de zwarte piste op. En dan loopt het grondig mis.
Door een combinatie van ijzige sneeuw, de felle zon, en een moment van verwarring kan hij niet tijdig afremmen, en hij knalt op volle snelheid met zijn heup tegen een rotswand onderaan de piste. Zijn leven verandert voorgoed.
Nu, ruim een jaar later, is Lenn volledig hersteld. Maar de weg terug was lang en zwaar, en niet alleen fysiek. Gelukkig kreeg hij uitstekend advies van zijn chirurg. Die les, en alles wat hij sindsdien leerde, wil hij nu zelf verder uitdragen.
De klap
“Het deed ontzettend veel pijn, en ik voelde heel veel angst,” vertelt hij over de minuten na de crash. Een andere skiër riep in het Duits dat heupen sterke botten zijn en dat het waarschijnlijk wel meeviel. Dat bleek niet het geval. “Toen ik me liet omdraaien merkte ik dat dit ernstig was. Ik had in mijn leven al wel wat ongelukken en breuken gehad, maar dit deed meer pijn dan wat ik ooit gevoeld heb.”
Nog op de piste kreeg Lenn verdoving toegediend. Een sneeuwscooter bracht hem naar de ambulance, en vandaar naar het kleine ziekenhuis van Winterberg. Daar bleek al snel dat het letsel te zwaar was. Enkele uren later werd hij per helikopter overgebracht naar een traumakliniek in Dortmund.
Daar bleek dat de impact van de crash zijn acetabulum (de heupkom waarin het bovenbeen draait) op meerdere plaatsen had gebroken, en ook zijn schaambeen en zitbeen. Om te voorkomen dat de kop van zijn bovenbeen de heupkom verder zou beschadigen, werd diezelfde avond nog een metalen staaf door zijn knie gestoken om het been in tractie te houden.
Zo lag hij een week te wachten, in een waas van pijn, verdoving en onzekerheid, tot duidelijk werd wanneer hij geopereerd kon worden. Het was, in zijn eigen woorden, de zwaarste week van zijn leven.

3D reconstructie van het bekken
De operatie
Op 10 maart, een week na het ongeval, werd hij geopereerd. De verbrijzelde delen van zijn bekken werden met titaniumplaatjes en schroeven aan elkaar vastgezet. De operatie was een succes, maar het was een zware ingreep geweest. Lenn woog nadien nog maar 57 kilo, bij een lengte van 1 meter 92. Zijn BMI was 15: zwaar ondergewicht.
Toch begon hij meteen te werken aan zijn herstel. Vier keer per dag ging zijn been in een machine die zijn knie boog tot een vooraf bepaalde hoek. Elke dag probeerde hij een paar graden verder te komen. Een paar dagen na de ingreep kon hij voor het eerst rechtop zitten, al verloor hij na tien seconden bijna het bewustzijn omdat al het bloed uit zijn hoofd wegtrok. De dagen erna werden die tien seconden een minuut, en een minuut werd een heel gezelschapsspelletje. Aan het einde van zijn tweede week in het ziekenhuis stond hij voor het eerst weer op zijn benen. Wankel, mager, maar rechtop en vol goede moed.


Links: Lenn na de operatie. Rechts: Röntgenfoto na de operatie.
Eén derde is je mindset
De chirurg kwam elke dag na de ingreep langs, en vertelde hem tijdens die gesprekken dat één derde van je herstel wordt bepaald door het succes van de operatie, één derde door hoe je lichaam erop reageert, en één derde door hoe je geest ermee om gaat.
“Het belangrijkste advies dat ik toen van de arts kreeg: focussen op waar ik naartoe wilde, in plaats van wat ik niet meer kon,” vertelt Lenn. “In de eerste weken kon ik absoluut niet wandelen. Maar wat ik wel probeerde: elke dag mijn knie weer een paar graden meer buigen of een paar seconden langer rechtop zitten zonder onwel te worden.”
Eenmaal thuis ging hij op dezelfde manier verder. Elke dag een mini-doel. De eerste “wandeling” met krukken was naar de postbus en terug. Hij vulde zijn dagen met dingen die hem blij maakten: zonlicht, spelletjes, piano spelen, lezen. “Niet om met die tijd iets productiefs te doen. Maar wel om die positief in te vullen, om dingen te doen waar ik nadien tevreden van was.”
De dokters hadden voorspeld dat het een jaar zou duren voor hij weer normaal kon wandelen. Lenn deed het na drie maanden. En diezelfde zomer kon hij weer trailrunnen en mountainbiken.
De mentale impact
Toch was het fysieke aspect niet het moeilijkste. “Mijn herstel was niet klaar op het moment dat mijn botten geheeld waren,” zegt Lenn. “Er mentaal weer bovenop komen duurde veel langer en vond ik ook een stuk moeilijker.”
Na het ongeval kreeg hij last van nachtmerries. Elke nacht werd hij opnieuw opengesneden, vaak werd hij wakker in het angstzweet. Overdag was hij bang om in de auto te zitten. Zodra hij bij iemand instapte verkrampte hij helemaal, uit schrik voor een nieuwe crash. Achterop de fiets was het hetzelfde: de controle loslaten voelde onmogelijk.
Lenn is nooit naar een psycholoog gegaan. Achteraf beseft hij dat hij op eigen houtje een vorm van cognitieve gedragstherapie heeft toegepast. “Door optimistisch te blijven en door de situatie anders te bekijken. Dat is niet hetzelfde als relativeren, want je mag die situatie niet kleiner maken dan ze is. Je kunt ze wel anders bekijken en je aandacht richten op wat je wil bereiken.”
Hij ging bewust weer in de auto zitten, fietste mee met vrienden, nam het openbaar vervoer. En hij praatte erover, met vrienden, met zijn ouders, met familie. “Ik heb veel geluk gehad dat dat op mezelf redelijk goed gelukt is,” zegt hij eerlijk. “Als dat niet het geval was, zou ik zeker professionele hulp gezocht hebben.”
Terug naar de muur
In de zomervakantie keerde Lenn terug naar Winterberg, 4 maand na zijn crash. Niet op ski’s, maar op een downhill-mountainbike. Hij bezocht ook de rotsmuur waar hij tegenaan was geskied.
“Ik was die dag heel bang om te vallen, want dat kon ik me absoluut niet veroorloven. Ik had het moeilijk om die controle los te laten. Als je op een fiets zit, net zoals op ski’s, ga je soms snel en moet je durven loslaten en het pad jou laten leiden. De gedachte dat ik niet honderd procent in controle was, vond ik heel eng, zeker als er net zoiets is gebeurd.”
Maar er was ook iets anders. “Ik voelde ook euforie en trots. Want diep van binnen wist ik dat ik heel goed bezig was. Om die stap te zetten, want dat was vér buiten mijn comfortzone. Ik heb altijd geleerd dat als je daaruit stapt, je nieuwe ervaringen opdoet en een sterkere persoon kunt worden.”
Na een dag fietspret, maakte hij foto’s bij de rotswand die zijn leven op zijn kop had gezet, en reisde daarna door naar Dortmund om zijn chirurg te bedanken. “Als een paard je eraf trapt, moet je er zo snel mogelijk terug op kruipen. Anders ga je nooit meer op een paard zitten.”
De butterfly effect
Wat Lenn heeft geleerd van het hele proces is dat zelfs uit de slechtste situaties iets positiefs kan komen. “Als ik nooit dat ongeval had gehad, had ik nooit die dokter leren kennen, was ik misschien nooit zo geïnspireerd geweest, en had ik misschien nooit geneeskunde willen gaan studeren. Ik zou niemand toewensen wat me overkwam. Maar doordat het gebeurd is, heb ik er dingen uit kunnen halen die ik anders nooit had geleerd.”
Niet de manier waarop het trauma je treft is bepalend, maar hoe je ermee omgaat. Dat is de rode draad door Lenns verhaal. En die boodschap wil hij delen. Voor zijn eindwerk op school deed hij uitgebreid onderzoek naar traumaverwerking en interviewde hij traumachirurgen, psychologen en andere overlevers. En binnenkort start hij zijn opleiding geneeskunde – een rechtstreeks gevolg van het ongeval en de goede zorg en adviezen die hij kreeg.
Zijn advies voor lotgenoten
Voor andere traumapatiënten heeft Lenn een heldere boodschap. “Als overlever kun je in een zwart gat terechtkomen waarvan je niet goed weet wat je moet doen en waarbij de hoop je soms ontsnapt. Dan is het goed om te kunnen lezen dat dat bij andere mensen ook zo was, en hoe zij eruit zijn geraakt. Weet ook dat de dokters, chirurgen, anesthesisten, fysiotherapeuten, … – hoewel ze soms tegenstrijdig advies lijken te geven – alleen maar het beste willen voor jou.”
En voor wie nu in een ziekenhuisbed ligt: “Elke dag is anders en elke dag word je sterker. Ook al had je de dag ervoor minder pijn of minder last, elke dag is een stap vooruit. Je bent goed bezig. Blijf positief. Het is belangrijk dat je zelf weet dat je je best doet en dat dat genoeg is.”

Lenn terug op de plek van het ongeval.
